Van Ongehoord Nederland dat uit de publieke omroep wordt gegooid tot een EU-rechtbank die gratis non-profitwebsites verbiedt omdat ze RT uitzenden — terwijl diezelfde EU plechtig verklaart de democratie te “beschermen”. Ondertussen krimpende Vlaamse redacties, vijf bedrijven die alles controleren, en televisieprogramma’s die burgers koest en dom houden. Een ongemakkelijk totaalbeeld van wie ons denken stuurt.

Er zijn van die momenten waarop de tegenstelling tussen wat machthebbers zeggen en wat ze doen zo flagrant wordt dat geen enkele verklaring meer volstaat. September 2026 is zo’n moment. In Nederland gooit de overheid een omroep uit het publieke bestel omdat ze een geluid brengen dat Den Haag niet bevalt. In Luxemburg oordeelt het Europees Hof van Justitie dat zelfs gratis vrijwilligerssites verboden zijn als ze verboden Russische staatsmedia doorsturen. En in Brussel publiceert diezelfde Europese Commissie een pagina getiteld “Bescherm wat telt: onze democratie” — met lofzangen op persvrijheid en pluralisme.

Dit artikel legt die drie realiteiten naast elkaar. Het voegt er de Vlaamse mediaconcentratie aan toe — vijf bedrijven die 80 tot 100 procent van ons medialandschap controleren — en de nuchtere observatie van analist CVS: vijfhonderd zenders, en op geen enkele is er iets te zien. Wat we zien is geen toeval. Het is het systeem.

Hoofdstuk I – Ongehoord Nederland: het schijnproces van de gevestigde orde

Ongehoord Nederland (ON!) trad in 2022 toe tot de publieke omroep in Nederland om wat ze zelf omschreef als het radicaal-rechtse geluid te vertolken — een segment van de bevolking dat zich al jaren niet vertegenwoordigd voelde in Hilversum. Vanaf dag één was de omroep een doorn in het oog van het politieke en mediacorps establishment.

Tot zover niets ongewoons. Nieuwe, scherpe geluiden botsen altijd op weerstand. Wat wél opvalt, is de flagrante inconsequentie van de politici die nu om de afschaffing van ON! roepen.

Dezelfde politici, twee maatstaven

D66-Kamerlid Jan Paternotte is bij uitstek het gezicht van deze dubbele moraal. Hij maakte zich in 2025 “ernstig zorgen” over politieke inmenging in journalistiek in Hongarije. Zijn collega Ilana Rooderkerk was nog stelliger: “Het eerste wat Poetin bij zijn aantreden deed, was de publieke omroep aan banden leggen. Het is wat Orbán deed in Hongarije.” Woorden van mensen die zichzelf zien als verdedigers van de vrije pers.

“Is de PVV het dan niet met de VVD eens dat dit ontzettend eng is, en dat wij er in ieder geval voor moeten waken dat de politiek zich niet gaat bemoeien met inhoudelijke journalistiek?”

— VVD-mediawoordvoerder Claire Martens-America, 2024 — over PVV-plannen voor de publieke omroep

Dezelfde Martens-America wil nu dat ON! verdwijnt. Dezelfde D66 die Orbán vergelijkt met Poetin omdat hij de publieke omroep aan banden legt, roept nu dat Ongehoord Nederland “geen plaats in het bestel” heeft. D66-mediawoordvoerder Ouafa Oualhadj: “Regels gelden voor iedereen. Als je ze keer op keer overtreedt, dan is het ook een keer klaar.”

CDA’er Harmen Krul noemt het “goed denkbaar dat ON! op korte termijn uit het bestel gaat.” VVD’er Van der Maas: “Voor een omroep die gefinancierd wordt met belastinggeld maar zich stelselmatig niet aan de regels houdt, is geen plaats in het publieke bestel.”

De aanleiding: een Hitler-fragment

De directe aanleiding voor het definitieve besluit was een online uitzending eerder in de zomer van 2026, waarin toenmalig hoofdredacteur Joost Niemöller een speech van Adolf Hitler besprak en zei dat de nazi-dictator bepaalde dingen “heel goed” zei. Niemöller vertrok nadien als hoofdredacteur. Het Commissariaat voor de Media en de NPO zegden het vertrouwen in de omroep op.

Op 8 september 2026 maakte minister Rianne Letschert (Media) bekend de eerste formele stap te zetten om ON! uit de publieke omroep te verwijderen.

De kern van de zaak is dit: het Hitler-fragment was ongepast, grensoverschrijdend, en rechtvaardigde sancties. Maar de politieke wil om ON! te verwijderen bestond al jaren vóór dit incident. D66 vroeg in januari 2023 al om de verwijdering. De argumenten wisselden, maar de conclusie was altijd dezelfde. Het incident bood slechts het politiek gewenste excuus.

“Terwijl D66 zich wél continu als waakhond opstelt over de vrije pers in het buitenland, is ze in Nederland al jaren bezig tegen de enige omroep met een écht ander geluid in Hilversum.”

— Ongehoord Nederland, analyse augustus 2026

Dat is het principe dat hier met voeten getreden wordt: niet de vraag of ON! fouten maakte — dat deed de omroep — maar de vraag of politici het recht hebben een mediasanctie te orkestreren op basis van een geluid dat hen politiek onwelgevallig is. De juridische procedures, de media-boycots, de jarenlange campagne: dat is geen handhaving van regels. Dat is politieke afrekening.

Hoofdstuk II – De EU en RT: censuur onder het mom van veiligheid

Op 2 juli 2026 deed het Hof van Justitie van de Europese Unie een uitspraak die in reguliere Belgische media nauwelijks weerklank vond, maar waarvan de implicaties enorm zijn. Het Hof oordeelde dat het verbod op RT (Russia Today) — ingesteld na de Russische invasie van Oekraïne in maart 2022 — ook van toepassing is op gratis, non-profitwebsites die geen winst maken met hun activiteiten.

Concreet: een vrijwilligersplatform, gerund op donaties, zonder commerciële belangen, dat toegang biedt tot RT-content — ook dat platform is nu verboden. De beheerders riskeren sancties, ook al halen ze geen euro winst.

EU Court of Justice — Ruling 2 juli 2026
“The ruling broadens liability for site administrators, holding that providing access to banned state media can trigger sanctions even for volunteer-run, donation-funded platforms.” — Mezha.net / Radio Free Europe

De EU verbood RT in 2022 met als officiële motivatie dat het een instrument van Russische staatspropaganda was. Dat is een legtiem argument dat debat verdient. Maar de doorwerking van dat verbod naar vrijwilligerswebsites zonder winstoogmerk gaat verder dan enige proportionaliteitstoets. Het is niet meer het verbieden van een zender — het is het criminaliseren van toegang tot informatie als zodanig.

De Europese Commissie en haar democratieretoriek

Diezelfde maand staat op de website van de Europese Commissie de pagina “Bescherm wat telt: onze democratie” — een lofrede op pluralisme, mediavrijheid en de bescherming van democratische waarden. De Commissie stelt plechtig dat een diverse, vrije pers de hoeksteen is van de democratie. Dat censuur onverenigbaar is met Europese waarden. Dat burgers recht hebben op toegang tot meerdere informatiebronnen.

Wat de EU zegt
“Een vrije en pluralistische pers is essentieel voor de democratie. Burgers hebben recht op toegang tot diverse informatiebronnen zonder politieke inmenging.”
Wat de EU doet
Het Hof van Justitie verbiedt niet-commerciële vrijwilligerssites die toegang bieden tot RT. Beheerders van donatiegerichte platforms riskeren sancties — ook zonder winstoogmerk.

De tegenstelling is niet subtiel. Dezelfde supranationale instelling die haar burgers voorhoudt dat democratie persvrijheid vereist, gebruikt haar rechtbanken om het toegang verlenen tot een Russische staatszender — hoe kritisch men die ook mag beoordelen — te criminaliseren op een manier die een gratis vrijwilligerswebsite kan vernietigen.

Het argument dat RT een propagandakanaal is, verandert niets aan het principiële bezwaar: in een democratie vertrouwen we burgers toe zelf te oordelen welke informatie ze consumeren en hoe kritisch ze dat doen. Het alternatief — een overheid die bepaalt welke informatiebronnen geraadpleegd mogen worden — heeft een naam, en dat is censuur.

“Wie bepaalt welke media gevaarlijk zijn en welke niet? Vandaag is het RT. Morgen is het elke stem die de officiële lijn niet volgt.”

— Principe dat mediarechtspecialisten al jaren bepleiten

Bovendien: de EU verbood RT maar liet westerse staatsmedia — BBC, Deutsche Welle, France 24 — onaangeroerd, terwijl ook die keuzes maken in hun berichtgeving die niet neutraal zijn. De maatstaf is niet kwaliteit of objectiviteit. De maatstaf is politieke loyaliteit aan de heersende EU-consensus.

2022
EU verbiedt RT na Russische invasie
2026
Verbod uitgebreid naar non-profit websites
€0
Winst nodig om sancties te riskeren

Hoofdstuk III – Vlaanderen: vijf bedrijven, één verhaal

Terwijl de aandacht uitgaat naar de grootse institutionele censuur van RT en Ongehoord Nederland, speelt in Vlaanderen een structureler en minstens even gevaarlijk proces: de geleidelijke monopolisering van het volledige medialandschap door een handvol conglomeraten.

De Vlaamse Regulator voor de Media (VRM) schrijft het ronduit in zijn Mediaconcentratierapport 2025: de Vlaamse mediasector zit op een kantelpunt. En de media.monitor 2026 van Mediapunt Vlaanderen bevestigt het beeld: lokale mediaorganisaties staan onder extreme druk van internationale streamingplatformen, terwijl advertentie-inkomsten wegvloeien naar GAFAN — Google, Apple, Facebook, Amazon en Netflix.

De vijf die alles bezitten

Vijf groepen controleren 80 tot 100 procent van de klassieke Vlaamse mediaproducten:

GroepTitels / zendersEigendom
DPG MediaHet Laatste Nieuws, De Morgen, VTM, Dag Allemaal, Humo, QMusic, JoePersgroep / Van Thillo
MediahuisDe Standaard, Het Nieuwsblad, Gazet van Antwerpen, Het Belang van LimburgKatholieke kerkfederaties + private aandeelhouders
VRTEén, Canvas, Ketnet, Radio 1, Radio 2, Klara, Studio Brussel, MNMVlaamse overheid (publiek)
RoulartaKnack, De Weekbladpers, Trends, Focus WTVFamilie Claeys-Veys
Play MediaPlay4, Play5, Play6, Play7SBS / Telenet

DPG Media — met titels als Het Laatste Nieuws, De Morgen, VTM en Humo — is hét schoolvoorbeeld van een crossmediaal conglomeraat dat kranten, tv, radio en online in één hand bundelt. Formeel domineert geen enkele speler de volledige sector. Maar als vijf concerns nagenoeg alles bezitten, hoeveel echte keuze blijft er dan nog voor de mediagebruiker?

De financiële realiteit achter de façade

Op papier lijkt er niets aan de hand: de omzet stijgt licht. Maar in 2023 kreeg de winst een zware klap, en in 2024 zakte die nog verder weg. Kosteninflatie, duurdere distributie en keiharde concurrentie vreten de marges aan. Gevolg: het aantal werknemers daalt, redacties slanken af, vaste jobs verdwijnen en worden vervangen door tijdelijke contracten en freelancers.

VTM en Play trokken eind 2024 aan de alarmbel: vanaf 2026 dreigen ze structureel verlies te draaien. Mensen zeggen hun kabelabonnement op, reclamegeld verhuist naar Netflix, YouTube en TikTok. Alle rechten van de Belgische voetbalcompetitie zitten nu bij DAZN — een internationale speler die zowel de content als het platform controleert. Lokale zenders staan buitenspel.

De publieke omroep: de enige overgebleven structuur — maar steeds verder uitgehold

De VRT staat formeel los van de commerciële druk. Ze heeft een gratis en toegankelijk aanbod dat structureel van belang is voor het Vlaamse publieke debat. Maar ook de VRT wordt geconfronteerd met strategische uitdagingen: het combineren van lineaire programmering met een groeiend online aanbod, en de toenemende afhankelijkheid van sociale mediaplatformen voor haar bereik.

Die afhankelijkheid van externe spelers — Facebook, YouTube, Instagram — maakt de VRT kwetsbaar voor de contentmoderation en algoritmische logica van Amerikaanse techbedrijven. Wanneer Meta of Google beslist welke VRT-content zichtbaar is en welke niet, is de publieke omroep de facto onderworpen aan private censuur zonder democratische controle.

Hoofdstuk IV – De subsidielogica: wie betaalt, bepaalt

Een aspect dat in het mediaconcentratiedebat zelden eerlijk benoemd wordt, is de rol van de Vlaamse overheidssubsidies. Mediabedrijven ontvangen aanzienlijke publieke middelen — voor productie, voor nieuws, voor culturele programmering. In ruil daarvoor verwachten politici een zekere… ruimhartigheid. Niet altijd expliciet. Vaak structureel.

Het mechanisme is subtiel maar doeltreffend: wie afhankelijk is van overheidssubsidies, zal minder snel een frontale aanval lanceren op het beleid dat die subsidies verstrekt. De onafhankelijke pers — die haar bestaansrecht ontleent aan kritische afstand van de macht — wordt zo geleidelijk omgevormd tot een sector die haar eigen overleven koppelt aan goed nabuurschap met diezelfde macht.

“Als nieuws koopwaar wordt en vijf bedrijven alles bezitten, wie bewaakt straks nog onze democratie?”

— Marc Vandepitte, De Wereld Morgen, december 2025

De kleinere, onafhankelijke mediaspelers — die niet kunnen rekenen op de schaalvoordelen van DPG of Mediahuis, en die minder makkelijk subsidiestromen aanboren — zijn precies die spelers die het meest kritisch durven te zijn. En precies die spelers verdwijnen het snelst: weggeconcurreerd door Big Tech, ondergefinancierd door een advertentiemarkt die hen links laat liggen, en zonder de bescherming van een groot conglomeraat.

Wat overblijft is een medialandschap dat financieel overleeft op subsidies en advertentiespend van grote bedrijven — en daarmee structureel geprikkeld is tot zelfcensuur. Niet door een decreet, niet door een politieagent aan de deur, maar door de economische logica die mediabedrijven in hun dagelijkse beslissingen stuurt.

Hoofdstuk V – Vijfhonderd zenders en niets te zien: de Hermoth-these

Analist Hermoth & CVS formuleert het zo: “Kabeltelevisie. 500 zenders en op geen enkele is er iets te zien. Wat hiermee bedoeld wordt, is dat televisiezenders, Streamingplatforms en Sociale-Media alleen maar dienen om mensen af te leiden en dom te houden met programma’s die niets bijbrengen. De elite manipuleert alle media zodat mensen kijken naar wat zij willen dat ze zien.”

Het klinkt provocatief. Maar ga eens na: wat ziet u als u door de zenders zapt? Kookprogramma’s, realityshows, talkshows die dezelfde gezichten uitnodigen, sportverslaggeving, en nieuws dat wordt gepresenteerd als objectief maar diepgaand geframed is door de redactionele keuzes van vijf conglomeraten.

Agenda-setting: wie bepaalt wat telt?

Media werkt als een spiegel, maar ook als een hamer. Onderzoek naar media-invloed op politiek toont aan dat agenda-setting een van de krachtigste mechanismen is: niet door burgers te zeggen wat ze moeten denken, maar door te bepalen waarover ze nadenken. Als de krantenkoppen vol staan met klimaatverandering, reageren politici op klimaatverandering. Als de aandacht naar immigratie verschuift, verschuift het politieke debat mee.

Wie de agenda controleert, controleert de democratie. En als vijf bedrijven het medialandschap domineren, betekent dat dat vijf redactionele kringen — elk met hun eigen aandeelhouders, adverteerders en subsidierelaties — bepalen wat de politieke agenda van twaalf miljoen mensen is.

Framing als wapen
Hetzelfde beleidsvoorstel kan worden gepresenteerd als “noodzakelijke hervorming” of als “bezuiniging ten koste van de zwakkeren”. Beide zijn feitelijk correct. De gekozen frame bepaalt de publieke perceptie — en dus de politieke druk.
Wie mag spreken?
Talkshows nodigen dezelfde experts uit. Kranten citeren dezelfde politici. Andersluidende stemmen — wetenschappers, activisten, kritische burgers — bereiken de kijker alleen als ze de redactionele filter passeren van een bedrijf dat subsidies ontvangt van de overheid die ze zouden moeten controleren.

De Hermoth-these is geen complottheorie. Het is een nuchtere beschrijving van hoe mediaconcentratie, subsidieafhankelijkheid en commerciële druk samenvallen in een systeem dat structureel in het nadeel werkt van burgers die een eerlijk, volledig en gevarieerd informatieaanbod verdienen.

500 zenders. En op geen enkele is er iets te zien dat de macht echt uitdaagt.

Hoofdstuk VI – De structuur van de smoor: hoe het systeem zichzelf in stand houdt

We hebben de CVS-medewerker om toelichting gevraagd. In zijn reactie schetste hij de situatie als volgt:

Leg de vijf voorgaande hoofdstukken naast elkaar en er ontstaat een patroon:

Op institutioneel niveau gebruiken politici mediawetgeving om onwelgevallige omroepen te verwijderen, terwijl ze diezelfde wetgeving ophemelen als bescherming van de vrije pers wanneer het buitenlandse autocratieën betreft. De maatstaf is niet principes, maar politieke opportuniteit.

Op Europees niveau exporteert de EU haar democratieretoriek naar andere continenten terwijl ze thuis haar rechtbanken inzet om de toegang tot informatiebronnen te criminaliseren — ook voor burgers die geen cent verdienen aan die toegang. De definitie van “gevaarlijke media” is niet objectief: ze volgt de geopolitieke agenda van de Commissie.

Op nationaal/Vlaams niveau zorgt de combinatie van marktconcentratie, subsidieafhankelijkheid en GAFAN-dominantie voor een medialandschap dat structureel geprikkeld is tot zelfcensuur en tot het reproduceren van het perspectief van hen die de cheques ondertekenen.

Op inhoudsniveau laat de kwantitatieve uitbreiding van het medialandschap — meer zenders, meer platformen, meer content — een paradoxale verarming van het kwalitatieve debat zien. Meer ruis, minder signaal. Meer zenders, minder nieuws dat ertoe doet.

Wat de burger kan doen

Dit artikel eindigt niet met wanhoop, maar met een oproep tot actie — niet met wapens, maar met bewustzijn en keuzes.

Diversifieer uw informatiebronnen. Lees niet enkel wat de vijf grote conglomeraten u voorschotelen. Zoek actief naar onafhankelijke media — ook als die niet altijd gelijk hebben, ook als ze soms te ver gaan. Een fout die openlijk gecorrigeerd wordt is waardevoller dan een gepolijste eenzijdigheid die nooit haar fouten erkent.

Stel de vraag wie betaalt. Wanneer een medium een positief stuk schrijft over een overheidsbeleid, vraag dan: ontvangt dit medium subsidies van die overheid? Wanneer een conglomeraat een aanval afvuurt op een kleiner medium, vraag dan: zijn ze concurrent? De economische belangen achter redactionele keuzes zijn niet altijd zichtbaar, maar ze zijn er altijd.

Steun onafhankelijke media. Niet alleen financieel, maar door ze te lezen, te delen en serieus te nemen. Een medialandschap zonder onafhankelijke spelers is geen pluralisme — het is een façade van keuze bij gebrek aan alternatieven.

Vraag om transparantie van de subsidies. Welke mediabedrijven ontvangen hoeveel publieke middelen? Welke redactionele afspraken hangen daaran vast? In een democratie is dat geen bedrijfsgeheim. Dat is een burgersrecht.

“Een vrije pers is de zuurstof van de democratie. Maar als dezelfde handen die de zuurstof uitdelen ook de knop bedienen die hem afsluit, is die zuurstof niet vrij. Ze is geconditioneerd.”

— CVS Medewerker

Conclusie: de democratie beschermen begint met eerlijkheid

De Europese Commissie heeft gelijk dat de democratie beschermd moet worden. Ongehoord Nederland heeft gelijk dat er in een pluriforme samenleving ruimte moet zijn voor stemmen die schuren. De Vlaamse mediasector heeft gelijk dat de concentratie alarmerend is. CVS-Medewerker heeft gelijk dat 500 zenders u niets bijbrengen als ze allemaal hetzelfde verhaal vertellen.

Wat ontbreekt, is de eerlijkheid om te erkennen dat de grootste bedreiging voor de democratie niet van buiten komt — niet van Poetin, niet van Orbán, niet van RT. Ze komt van binnen: van politici die censuur hernoemen tot handhaving, van instellingen die persvrijheid prediken en haar tegelijkertijd aan banden leggen, en van een medialandschap dat zijn eigen onafhankelijkheid verkwanselt voor subsidies en advertentiegeld.

Dat is het verhaal dat de grote media u niet brengen. Niet omdat ze het niet weten. Maar omdat ze er deel van uitmaken.

Bronnen: ‘Geen plaats in het bestel’ — Ongehoord Nederland (aug. 2026) · EenVandaag Opiniepanel onderzoek ON! (8 sep. 2026) · De Kanttekening: Update Ongehoord Nederland (8 sep. 2026) · EU Court of Justice ruling RT-ban non-profit websites, via Mezha.net / Radio Free Europe (2 juli 2026) · Europese Commissie: “Bescherm wat telt: onze democratie” (2026) · Marc Vandepitte: “Kliks, cash en concentratie”, De Wereld Morgen (dec. 2025) · media.monitor 2026: Lokale mediaorganisaties onder druk, Mediapunt Vlaanderen (maart 2026) · VRM Mediaconcentratierapport 2025 · Eyp-Europolis: “Media-invloed op politiek” (nov. 2025) · Analytisch document Hermoth / C.V.S.

Plaats een reactie

Trending